Box 3: vermogensrendementsheffing in 2026

Box 3 — waar staan we nu?

Geen fiscaal onderwerp houdt Nederland de afgelopen jaren zo in zijn greep als Box 3. Wat ooit een simpele heffing op vermogen was, is uitgegroeid tot een jarenlange juridische lappendeken — met het Kerstarrest (2021), de Overbruggingswet, de tegenbewijsregeling en straks de Wet werkelijk rendement. Voor ondernemers, DGA’s en vermogende particulieren is het cruciaal om te weten waar je staat en welke keuzes je nu moet maken.

Wat is Box 3 ook alweer?

In Box 3 wordt belasting geheven over het rendement op uw vermogen: spaargeld, beleggingen, tweede woning, vorderingen. Boven het heffingsvrij vermogen (in 2026: € 57.684 per persoon, € 115.368 voor fiscale partners) wordt een forfaitair rendement berekend en daarover wordt belasting geheven tegen het Box 3-tarief.

De drie belangrijkste ontwikkelingen

1. De tegenbewijsregeling

Sinds de uitspraak van de Hoge Raad in juni 2024 mag u als belastingplichtige tegenbewijs leveren: als uw werkelijke rendement lager is dan het forfait, betaalt u belasting over het werkelijke rendement. Dit is vooral relevant voor spaarders en bezitters van verhuurd vastgoed met lage netto-opbrengsten.

2. De Overbruggingswet blijft tot 2028

Het huidige systeem — met aparte forfaits voor banktegoeden, overige bezittingen en schulden — blijft tot en met 2027 van kracht. De oorspronkelijk geplande invoering van het nieuwe stelsel in 2027 is uitgesteld naar 2028.

3. Wet werkelijk rendement (vanaf 2028)

Vanaf 2028 wordt het werkelijke rendement belast — inclusief ongerealiseerde waardestijging (vermogensaanwasbelasting). Voor vastgoed geldt een uitzondering: daar wordt pas bij verkoop afgerekend (vermogenswinstbelasting). Dit stelsel gaat ingrijpende gevolgen hebben voor beleggingsportefeuilles, familiebedrijven en vastgoedbezitters.

Wat u nu moet doen

  • Controleer oude aangiften (2017–2022): komt u in aanmerking voor rechtsherstel of aanvullend rechtsherstel?
  • Overweeg de tegenbewijsregeling: bij lage werkelijke rendementen kan dit honderden tot duizenden euro’s besparen.
  • Breng uw vermogensstructuur in kaart: box 3, aanmerkelijk belang (box 2), of toch onderbrengen in een BV? De optimale keuze is verschoven door recente wetgeving.
  • Houd rekening met 2028: beleggingen met forse koerswinsten zijn onder het nieuwe stelsel duurder. Bezin u vóór u begint.

Waarom KENDR?

Box 3 is geen standaardaangifte meer. Het is maatwerk waarbij de juiste keuze jaarlijks duizenden euro’s scheelt. Onze fiscalisten rekenen voor u door welk regime in úw situatie het gunstigst is — zowel in de huidige Overbruggingswet als in de aanloop naar 2028.

Neem contact met ons op voor een persoonlijk Box 3-advies, of bekijk onze gerelateerde pagina’s over vennootschapsbelasting en fiscale optimalisering.